Plannen voor fraudebestrijding in de bouwsector

Plannen voor fraudebestrijding in de bouwsector

Staatssecretaris voor Fraudebestreiding Bart Tommelein heeft tijdens de vergadering van de Commissie voor Sociale Zaken van 11 februari 2015 zijn beleidsplannen aangaande fraudebestrijding in de bouwsector toegelicht. Op basis van het voorlopig verslag van de Commissie, zouden volgende plannen voorgenomen worden:

1. Bestrijding van sociale fraude

De Staatssecretaris kondigt de volgende initiatieven aan:

- Meldpunt sociale fraude: om de inzameling van informatie rond sociale fraude beter te organiseren, pleit de staatssecretaris voor een “single point of contact” of een meldpunt sociale fraude. Vakbonden, werkgevers of particulieren zouden via dit meldpunt sociale fraude en valse concurrentie kunnen meedelen aan de sociale inspectie, die de gegevens zal bundelen en er vervolgens op een georganiseerde manier mee aan de slag kan gaan.

- Maatregelen op verschillende niveaus

  • Op nationaal niveau zou nagekeken worden of er eenvoudigere en transparantere procedures mogelijk zijn om sociale fraude te controleren;
  • Op Beneluxplusniveau (zijnde België, Nederland, Luxemburg, Frankrijk, Duitsland en Oostenrijk) dient sociale dumping te worden aangepakt;
  • Op Europees niveau zouden controlemiddelen moeten worden uitgewerkt om oneerlijke concurrentie en fraude te bestrijden. Oneerlijke concurrentie in de bouwsector zou in de eerste plaats moeten worden aangepakt.

- Fusie inspectiediensten: er zou nagekeken worden of een fusie tussen de verschillende inspectiediensten mogelijk is. Dit zou echter niet betekenen dat het aantal inspecteurs zal afnemen. De regering zou zelfs de inzet van bijkomende inspecteurs op het terrein hebben goedgekeurd.

- Europese inningsprocedure: de staatssecretaris verklaart “veel te voelen” voor een Europese inningsprocedure van de sociale zekerheidsbijdragen. Als een persoon in België via detachering tewerkgesteld is, zou men dan in België niet-betaalde (buitenlandse) bijdragen kunnen innen en doorstorten naar het land van herkomst.

Tenslotte werd gewezen op een recent ondertekend samenwerkingsprotocol tussen de federale SIOD (Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst) en het Vlaams Facilitair Bedrijf (deze organisatie coördineert o.a. bouw –en vastgoedprojecten van de Vlaamse overheid). Het SIOD zal voortaan controleren of openbare aanbestedingen niet worden toegewezen aan firma’s die de sociale wetgeving niet naleven. Om deze controles mogelijk te maken zal het Vlaams Facilitair Bedrijf een overzicht van haar opdrachten boven de 8.500,00 EUR bezorgen aan het SIOD.

2. Aanwezigheidsregistratie

De elektronische aanwezigheidsregistratie is momenteel verplicht op tijdelijke en mobiele bouwplaatsen waar werken in onroerende staat worden uitgevoerd voor meer dan 800.000,00 EUR.  De staatssecretaris meent dat er gestreefd moet worden naar een algemene aanwezigheidsregistratie op alle werven.

3. Schijnzelfstandigheid

In de periode juli 2013 – november 2015 zouden er in de bouwsector 155 gevallen van schijnzelfstandigheid zijn vastgesteld door de inspectiediensten. De Staatssecretaris wenst de Arbeidsrelatiewet te evalueren worden met het oog op een betere bestrijding van schijnzelfstandigheid. De bedoeling zou zijn om de wetgeving eenvoudiger en transparanter te maken, zodat de controles ook vlotters zouden kunnen verlopen.

4. Handhavingsbeleid – hoofdelijke aansprakelijkheid lonen

In 2014 werd er een Europese handhavingsrichtlijn aangenomen die maatregelen voorziet om de EU-voorschriften inzake de detachering van werknemers (o.a. gezondheid –en veiligheid op het werk, minimumlonen,…) beter te handhaven. De Staatssecretaris heeft de ambitie om deze handhavingsrichtlijn reeds in de komende maanden, en dus ruim vóór de deadline van 18 juni 2016, om te zetten naar Belgisch recht.

De Staatssecretaris wees er in dit kader op dat de Belgische regelgeving nu reeds op heel wat vlakken tegemoetkomt aan de handhavingsrichtlijn, onder andere door de Limosa-melding en de hoofdelijke aansprakelijkheid voor loonschulden.

Wat deze hoofdelijke aansprakelijkheid betreft, werd meegedeeld dat er sinds de inwerkingtreding van de wetgeving op 1 september 2013 (slechts) 45 officiële kennisgevingen voor hoofdelijke aansprakelijkheid werden afgeleverd door de sociale inspectiediensten. In geval van een dergelijke kennisgeving zou in de meeste gevallen de contractuele band onmiddellijk verbroken worden. Op die manier zou de wet vooral een afschrikkend effect hebben. Er zou verder overleg gepleegd worden met de bouwsector om te bekijken hoe het systeem van de hoofdelijke aansprakelijkheid voor loonschulden verder uitgewerkt, behouden of bijgestuurd kan worden.

 

Het wordt afwachten welke van volgende plannen ook effectief in wetgeving worden omgezet. Wij houden u hierover uiteraard op de hoogte.

Voor meer info over dit specifieke onderwerp, kan u  Laura Sol en Sara Cockx (de auteurs) en Gwen Bevers (celhoofd) raadplegen.